wetzoeker

Beschikking verlening vrijstelling luchtvervoersvergunning sportvliegers

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
07-09-1981
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0003426
Versie
1981-09-07_0
SHA-256 bron
c317222820c1663eb93301041e5418c9abb521fd0456afdb3db47116089eb8fd

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (2)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2

Artikel 1

Aan de gezagvoerder van een vrije gas- of hete luchtballon, een zweefvliegtuig, een motorzweefvliegtuig of een vliegtuig, dat wordt gebruikt voor het uitvoeren van een niet commerciële vlucht, wordt vrijstelling verleend van de in het eerste lid van artikel 16 van de Luchtvaartwet vervatte verplichting tot het hebben van een vergunning voor het vervoer van personen.

Artikel 2

De gezagvoerder, die van de in het vorige artikel bedoelde vrijstelling gebruik maakt, moet de volgende voorwaarden in acht nemen:

a. de maximaal toegelaten totaalmassa van het gebruikte luchtvaartuig mag niet hoger zijn dan 2000 kg;

b. het doel van de vluchten moet van recreatieve aard zijn;

c. voor de vluchten mag geen werving plaatsvinden.