wetzoeker

Artikel 8 Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet

Samenstelling en bevoegdheid van het tuchtgerecht en het centraal tuchtgerecht

1 De controle-instelling bepaalt het aantal leden en regelt de wijze van de benoeming van de voorzitter, de vice-voorzitters, de andere leden, de secretaris en de adjunct-secretarissen van het tuchtgerecht, onderscheidenlijk het centraal tuchtgerecht, alsmede de tijd, gedurende welke zij hun functie vervullen. De benoeming van de voorzitter en de vice-voorzitters behoeft de goedkeuring van Onze Minister.

2 Echtgenoten, bloedverwanten of aanverwanten tot de derde graad ingesloten, kunnen niet te zamen zijn voorzitter, vice-voorzitter, lid, secretaris of adjunct-secretaris van een tuchtrecht, onderscheidenlijk van het centraal tuchtgerecht.

3 Indien het huwelijk eerst mocht worden aangegaan na de benoeming, zal de jongstbenoemde zijn functie niet kunnen behouden.

4 Indien de zwagerschap eerst mocht zijn ontstaan na de benoeming, zal degene, die haar veroorzaakte, zijn functie niet kunnen behouden, behoudens goedkeuring door Onze Minister en Onze Minister van Veiligheid en Justitie. De zwagerschap houdt op door de ontbinding van het huwelijk, dat haar veroorzaakte.

Regeling
Tuchtrechtbesluit Landbouwkwaliteitswet
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2015
BWB-id
BWBR0003252
Versie
2015-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl