wetzoeker

Besluit ongeregeld luchtvervoer

Besluit van 2 mei 1975, houdende regels inzake het ongeregeld luchtvervoer

Soort
AMvB
Geldend vanaf
12-06-2010
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0002965
Versie
2010-06-12_0
SHA-256 bron
6a2dab56e564bea616f1951d9fe7265fb9c42dc0b182b86fc975612a075bca42

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (13)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Artikel 13

Hoofdstuk I — Inleidende bepalingen › Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder ongeregeld vervoer: vluchten die niet onder een bilaterale luchtvaartovereenkomst vallen tenzij in een dergelijke overeenkomst daarover anderszins is bepaald.

Hoofdstuk I — Inleidende bepalingen › Toepasselijkheid van het besluit

Artikel 2

Dit besluit is van toepassing op alle vluchten in ongeregeld vervoer door luchtvaartmaatschappijen in, naar of uit Nederland of met Nederland als tussenstation uit of naar landen niet behorende tot de Europese Unie.

Hoofdstuk II — Algemene bepalingen › Toestemming

Artikel 3

Voor zover bij internationale overeenkomst niet anders is bepaald mogen vluchten in ongeregeld vervoer slechts worden uitgevoerd krachtens een daartoe strekkende toestemming door Onze Minister aan de betrokken luchtvaartmaatschappij.

Hoofdstuk II — Algemene bepalingen › Ontheffing

Artikel 4

Het bepaalde in artikel 3 geldt niet, indien door Onze Minister daarvan ontheffing is verleend.

Hoofdstuk II — Algemene bepalingen › Ontheffing

Artikel 5

Vervallen

Hoofdstuk II — Algemene bepalingen › Richtlijnen

Artikel 6

Bij het beslissen op een aanvraag voor ongeregeld luchtvervoer wordt in ieder geval rekening gehouden met:

a. het mogelijke negatieve effect van ongeregeld vervoer op de rentabiliteit van een reeds bestaande geregelde vlucht naar dezelfde bestemming;

b. het belang van de gebruikers bij een aan hun behoefte aangepast ongeregeld vervoer tegen een zo laag mogelijke prijs;

c. het uitgangspunt van wederkerigheid.

Hoofdstuk II — Algemene bepalingen › Nadere regelen

Artikel 7

Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot het uitvoeren van vluchten als bedoeld in artikel 2.

Hoofdstuk III — Slotbepalingen

Artikel 8

Vervallen

Hoofdstuk III — Slotbepalingen

Artikel 9

Vervallen

Hoofdstuk III — Slotbepalingen

Artikel 10

Vervallen

Hoofdstuk III — Slotbepalingen

Artikel 11

Vervallen

Hoofdstuk III — Slotbepalingen

Artikel 12

Dit besluit kan worden aangeduid als "Besluit ongeregeld luchtvervoer".

Hoofdstuk III — Slotbepalingen

Artikel 13

Dit besluit treedt in werking met ingang van de derde kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin het is geplaatst.