wetzoeker

Artikel 17 Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag

Minimumvakantiebijslag

1 De vakantiebijslag, waarop de werknemer over het loon en de uitkeringen krachtens de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1 of de artikelen 4:2b of 6:3 van de Wet arbeid en zorg en de Werkloosheidswet, voor zover een en ander over het tijdvak tot en met 31 mei van het lopende jaar opeisbaar is geworden, recht heeft verworven, wordt behoudens het bepaalde in de volgende leden in de maand juni uitbetaald.

2 Bij publiekrechtelijke regeling of schriftelijke overeenkomst kan ter zake van het tijdstip van uitbetaling van het eerste lid worden afgeweken, met dien verstande, dat uitbetaling ten minste eenmaal per kalenderjaar dient te geschieden.

3 Bij het einde van de dienstbetrekking wordt aan de werknemer het bedrag aan vakantiebijslag uitbetaald, waarop hij op dat tijdstip recht heeft verworven.

Regeling
Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
Afkortingen
WML, Wml
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0002638
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl