wetzoeker

Artikel 32 Vorderingswet

1 Hij die opzettelijk niet voldoet aan een hem bij of krachtens artikel 6, 22 of 24 opgelegde verplichting, dan wel opzettelijk bewerkt, dat aan zodanige, een ander opgelegde verplichting niet wordt voldaan, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.

2 Hij aan wiens schuld te wijten is, dat aan een verplichting als in het vorige lid bedoeld niet wordt voldaan, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.

3 Hij die de krachtens artikel 29 van hem verlangde inlichtingen niet, niet volledig of niet naar waarheid verstrekt of niet inzage verleent van de zakelijke gegevens en bescheiden, waarvan krachtens dat artikel inzage is gevorderd, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie.

4 De in het eerste lid strafbaar gestelde feiten zijn misdrijven, de in het tweede en derde lid strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen.

Regeling
Vorderingswet
Soort
Wet
Geldend vanaf
04-06-2026
BWB-id
BWBR0002393
Versie
2026-06-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl