wetzoeker

Artikel 8d Algemene Ouderdomswet

Het recht op ouderdomspensioen en toeslag

1 Voor de pensioengerechtigde ontstaat geen recht op ouderdomspensioen indien en voor zolang hij een uitreiziger is.

2 Het recht op ouderdomspensioen eindigt, indien de pensioengerechtigde, nadat het recht op ouderdomspensioen is ingegaan, een uitreiziger is.

3 De persoon die op grond van het eerste of tweede lid geen recht op ouderdomspensioen heeft, heeft met ingang van de dag dat niet langer het gegronde vermoeden bestaat dat hij zich buiten Nederland bevindt met het doel zich aan te sluiten bij een organisatie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op ouderdomspensioen.

4 Geen recht op toeslag heeft de pensioengerechtigde, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van wie de partner een uitreiziger is.

5 Voor het derde lid is artikel 14, eerste lid, van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Algemene Ouderdomswet
Afkortingen
AOW
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0002221
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl