wetzoeker

Artikel 8 Wet verplaatsing bevolking

1 Dit lid is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit lid in werking treden.

Onze Minister van Binnenlandse Zaken of een door deze aangewezen autoriteit kan in het belang van de volksgezondheid, dan wel met het oog op de gezondheid, de leeftijd of het gedrag van de verplaatste persoon, aan deze, en zo nodig ook aan degenen die met hem samenwonen, een bijzondere verblijfplaats aanwijzen en het verblijf aldaar aan voorschriften onderwerpen.

2 Tegen deze aanwijzing en voorschriften kan beroep worden ingesteld bij de commissie, bedoeld in artikel 17.

3 Onze Minister van Binnenlandse Zaken is belast met de huisvesting en de verzorging van de personen, aan wie krachtens het eerste lid een bijzondere verblijfplaats is aangewezen.

Regeling
Wet verplaatsing bevolking
Soort
Wet
Geldend vanaf
20-04-2023
BWB-id
BWBR0002097
Versie
2023-04-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl