wetzoeker

Artikel 4 Wet nopens de naasting der aandelen in De Nederlandsche Bank N.V.

Indien een derde ten tijde der naasting een recht had op een aandeel, wordt, met inachtneming van de bepalingen dezer wet, bij de inschrijving, welke voor het genaaste aandeel is verstrekt, een aantekening gesteld van een overeenkomstig recht van die derde op de inschrijving.

Regeling
Wet nopens de naasting der aandelen in De Nederlandsche Bank N.V.
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-08-1948
BWB-id
BWBR0002039
Versie
1948-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl