wetzoeker

Artikel 21b Warenwet

Voorschriften inzake voedsel- en productveiligheid

1 Degene die waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, voor zover die in de particuliere sfeer kunnen worden gebruikt, verhandelt of heeft verhandeld waarvan hij weet, of op grond van de hem ter beschikking staande gegevens beroepshalve behoort te weten, dat die waren een gevaar opleveren voor de veiligheid of gezondheid van de mens, stelt Onze Minister daarvan onmiddellijk op de hoogte en deelt daarbij Onze Minister tevens mede welke maatregelen door hem zijn genomen ter bescherming van de genoemde belangen.

2 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld inzake de in het kader van de in het eerste lid genoemde verplichting te verstrekken informatie.

3 Degene die waren, niet zijnde eet- of drinkwaren, voor zover die in de particuliere sfeer kunnen worden gebruikt, verhandelt of heeft verhandeld, verleent Onze Minister desgevraagd, en binnen het bestek van zijn activiteiten, medewerking bij de acties die ondernomen zijn om de risico’s van die waren te vermijden. Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld over de wijze waarop die medewerking wordt verleend.

4 Het bepaalde in het eerste tot en met derde lid is niet van toepassing op producten die onder Verordening (EU) 2023/988 vallen.

Regeling
Warenwet
Afkortingen
WaW
Soort
Wet
Geldend vanaf
12-07-2025
BWB-id
BWBR0001969
Versie
2025-07-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl