wetzoeker

Artikel 27e Wetboek van Strafvordering

De verdachte

1 Op verzoek van de aangehouden verdachte geeft de hulpofficier van justitie die bij de voorgeleiding beveelt dat de verdachte wordt opgehouden voor onderzoek, onverwijld kennis van diens vrijheidsbeneming aan ten minste een door de verdachte aangeduide persoon.

2 Op verzoek van de aangehouden verdachte die niet de Nederlandse nationaliteit heeft, geeft de hulpofficier van justitie die bij de voorgeleiding beslist om de verdachte op te houden voor onderzoek, onverwijld kennis van diens vrijheidsbeneming aan de consulaire post van de staat waarvan de verdachte de nationaliteit heeft.

3 De hulpofficier van justitie kan de in het eerste lid bedoelde kennisgeving uitstellen voor zover en voor zolang als dit wordt gerechtvaardigd door een dringende noodzaak om:

a. ernstige negatieve gevolgen voor het leven, de vrijheid of de fysieke integriteit van een persoon te voorkomen of

b. te voorkomen dat aanzienlijke schade aan het onderzoek kan worden toegebracht.

4 De in het derde lid bedoelde beslissing en de gronden waarop deze berust, worden in het proces-verbaal vermeld.

Regeling
Wetboek van Strafvordering
Afkortingen
Sv, WvSv
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0001903
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl