wetzoeker

Artikel 3 Wet vorm van de eed

Hij, die tengevolge van een lichaams- of spraakgebrek den eed, de belofte of de bevestiging niet kan afleggen op de bij de artikelen 1 en 2 bepaalde wijze, zal den eed, de belofte of de bevestiging afleggen op een wijze, zooveel mogelijk overeenstemmende met het bij die artikelen voorgeschrevene, te bepalen door dengene in wiens handen de eed, de belofte of de bevestiging wordt afgelegd.

Regeling
Wet vorm van de eed
Afkortingen
WvdE
Soort
Wet
Geldend vanaf
24-08-1911
BWB-id
BWBR0001881
Versie
1911-08-24_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl