Waterstaatswet 1900
Wet van 10 november 1900, houdende algemeene regels omtrent het waterstaatsbestuur
- Soort
- Wet
- Geldend vanaf
- 01-01-2024
- Afkortingen
- Wat.w.
- Rechtsgebied
- Ruimtelijke ordening en milieu, Waterrecht
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- BWB-id
- BWBR0001867
- Versie
- 2024-01-01_0
- SHA-256 bron
- 38c676ee40bf4a5d9db73b00b33d670ed5fe5f68b6fdf9616fd79dc8fb7eca21
Inhoud (117)
- Artikel 1
- Artikel 2
- Artikel 3
- Artikel 4
- Artikel 5
- Artikel 5a
- Artikel 6
- Artikel 7
- Artikel 8
- Artikel 9
- Artikel 10
- Artikel 11
- Artikel 12
- Artikel 12a
- Artikel 12b
- Artikel 12c
- Artikel 12d
- Artikel 12e
- Artikel 12f
- Artikel 13
- Artikel 14
- Artikel 15
- Artikel 16
- Artikel 17
- Artikel 18
- Artikel 19
- Artikel 20
- Artikel 21
- Artikel 22
- Artikel 23
- Artikel 24
- Artikel 25
- Artikel 26
- Artikel 27
- Artikel 28
- Artikel 29
- Artikel 30
- Artikel 31
- Artikel 32
- Artikel 33
- Artikel 34
- Artikel 35
- Artikel 36
- Artikel 37
- Artikel 38
- Artikel 39
- Artikel 40
- Artikel 41
- Artikel 41a
- Artikel 42
- Artikel 42a
- Artikel 42b
- Artikel 42c
- Artikel 43
- Artikel 44
- Artikel 45
- Artikel 46
- Artikel 47
- Artikel 48
- Artikel 49
- Artikel 50
- Artikel 51
- Artikel 52
- Artikel 53
- Artikel 54
- Artikel 55
- Artikel 56
- Artikel 57
- Artikel 58
- Artikel 59
- Artikel 60
- Artikel 61
- Artikel 62
- Artikel 63
- Artikel 64
- Artikel 65
- Artikel 66
- Artikel 67
- Artikel 68
- Artikel 69
- Artikel 70
- Artikel 71
- Artikel 72
- Artikel 72a
- Artikel 73
- Artikel 74
- Artikel 75
- Artikel 76
- Artikel 77
- Artikel 78
- Artikel 79
- Artikel 80
- Artikel 81
- Artikel 82
- Artikel 83
- Artikel 84
- Artikel 85
- Artikel 86
- Artikel 87
- Artikel 88
- Artikel 89
- Artikel 90
- Artikel 91
- Artikel 92
- Artikel 93
- Artikel 94
- Artikel 95
- Artikel 96
- Artikel 97
- Artikel 98
- Artikel 99
- Artikel 100
- Artikel 101
- Artikel 102
- Artikel 103
- Artikel 104
- Artikel 105
§ 1 — Overdracht of overneming van waterstaatswerken
Artikel 1
1 Het bij anderen in beheer of onderhoud brengen van waterstaatswerken die bij het Rijk in beheer of onderhoud zijn, alsmede het bij het Rijk in beheer of onderhoud brengen van waterstaatswerken die bij anderen dan het Rijk in beheer of onderhoud zijn dan wel die onbeheerd zijn, geschiedt bij wet.
2 In afwijking van het eerste lid kunnen waterstaatswerken in beheer of onderhoud bij het Rijk, die niet van nationaal belang zijn, bij koninklijk besluit bij anderen in beheer of onderhoud worden gebracht, indien daaromtrent overeenstemming is bereikt tussen het Rijk en die anderen.
3 In afwijking van het eerste lid kunnen waterstaatswerken in beheer of onderhoud bij anderen, die van nationaal belang zijn, bij koninklijk besluit bij het Rijk in beheer of onderhoud worden gebracht, indien daaromtrent overeenstemming is bereikt tussen het Rijk en die anderen.
4 Een besluit als bedoeld in het tweede en derde lid geschiedt op gemeenschappelijke voordracht van Onze Minister met de uitvoering van deze wet belast en van Onze Minister van Financiën.
§ 1 — Overdracht of overneming van waterstaatswerken
Artikel 2
1 De Gedeputeerde Staten kunnen, waterstaatswerken in beheer of onderhoud bij anderen dan het Rijk, de beheerders gehoord, zoomede onbeheerde waterstaatswerken in het beheer en onderhoud der provincie brengen.
2 Zij, die van het onderhoud of het geven van bijdragen tot het onderhoud worden bevrijd, kunnen bij het besluit tot overneming in beheer en onderhoud bij de provincie worden verplicht tot afkoopbare jaarlijksche uitkeeringen, welke gezamenlijk niet hooger mogen worden gesteld, dan hetgeen per jaar voor behoorlijk onderhoud werd vereischt.
3 Indien voor het gebruik van een waterstaatswerk, dat door de provincie in beheer en onderhoud wordt genomen, rechten worden geheven, wordt, behoudens het geval, dat ingevolge artikel 54 van de Wegenwet schadevergoeding wordt gegeven, wegens het gemis van de opbrengst der heffing schadevergoeding toegekend, welke in het besluit der Staten tot overneming in beheer en onderhoud wordt bepaald.
4 Het in de beide vorige leden van dit artikel bepaalde is alleen van toepassing, indien omtrent de in het eerste lid bedoelde overneming geen overeenstemming is verkregen.
§ 2 — Voorziening in waterstaatsbelangen, bij gemis aan regeling door de bevoegde macht
Artikel 3
Wanneer de noodzakelijkheid tot voorziening in een waterstaatsbelang bestaat, en de tot regelen bevoegde macht in gebreke blijft tot regeling van dat belang over te gaan, kan eene wet de wijze bepalen, waarop in dat belang zal worden voorzien.
§ 2 — Voorziening in waterstaatsbelangen, bij gemis aan regeling door de bevoegde macht
Artikel 4
1 Indien Gedeputeerde Staten van twee of meer provincies niet of niet binnen redelijke termijn tot overeenstemming komen over de regeling van belangen van waterstaat die hen gemeenschappelijk aangaan omdat zij van mening verschillen over de noodzaak of de inhoud van de regeling, kan daarin bij algemene maatregel van bestuur worden voorzien. Artikel 27d, eerste tot en met vierde lid, van de Wet op de Raad van State is van overeenkomstige toepassing.
2 Op overtreding van voorschriften, bij algemene maatregel van bestuur krachtens dit artikel gegeven, kunnen dezelfde straffen worden gesteld als provinciale staten krachtens de wet op overtreding van hun verordeningen en reglementen kunnen stellen.
3 Alvorens een voordracht te doen tot een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid, hoort Onze Minister van Verkeer en Waterstaat gedeputeerde staten van de desbetreffende provincies.
§ 3 — Inrichting van den Rijkswaterstaatsdienst
Artikel 5
Vervallen
§ 3a — Commissie van advies inzake de waterstaatswetgeving
Artikel 5a
Vervallen
§ 4 — Bevoegdheid tot onderzoek van waterstaatswerken
Artikel 6
Vervallen
§ 5 — Binnentreden van woningen
Artikel 7
Vervallen
§ 5 — Binnentreden van woningen
Artikel 8
Vervallen
§ 6 — Voorzieningen ten behoeve van aanleg, onderhoud en verbetering van waterstaatswerken
Artikel 9
Vervallen
§ 6 — Voorzieningen ten behoeve van aanleg, onderhoud en verbetering van waterstaatswerken
Artikel 10
Vervallen
§ 6 — Voorzieningen ten behoeve van aanleg, onderhoud en verbetering van waterstaatswerken
Artikel 11
Vervallen
§ 6 — Voorzieningen ten behoeve van aanleg, onderhoud en verbetering van waterstaatswerken
Artikel 12
Vervallen
§ 6 — Voorzieningen ten behoeve van aanleg, onderhoud en verbetering van waterstaatswerken
Artikel 12a
Vervallen
§ 6 — Voorzieningen ten behoeve van aanleg, onderhoud en verbetering van waterstaatswerken
Artikel 12b
Vervallen
§ 6a — Voorzieningen betreffende beschadiging van waterstaatswerken, in beheer of onderhoud bij provincie, gemeente, waterschap
Artikel 12c
Vervallen
§ 6a — Voorzieningen betreffende beschadiging van waterstaatswerken, in beheer of onderhoud bij provincie, gemeente, waterschap
Artikel 12d
Vervallen
§ 6a — Voorzieningen betreffende beschadiging van waterstaatswerken, in beheer of onderhoud bij provincie, gemeente, waterschap
Artikel 12e
Vervallen
§ 6a — Voorzieningen betreffende beschadiging van waterstaatswerken, in beheer of onderhoud bij provincie, gemeente, waterschap
Artikel 12f
Vervallen
§ 7 — Vervallen
Artikel 13
Vervallen
§ 7 — Vervallen
Artikel 14
Vervallen
§ 8 — Vervallen
Artikel 15
Vervallen
§ 8 — Vervallen
Artikel 16
Vervallen
§ 8 — Vervallen
Artikel 17
Vervallen
§ 8 — Vervallen
Artikel 18
Vervallen
§ 9 — Vervallen
Artikel 19
Vervallen
§ 9 — Vervallen
Artikel 20
Vervallen
§ 9 — Vervallen
Artikel 21
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 22
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 23
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 24
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 25
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 26
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 27
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 28
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 29
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 30
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 31
Vervallen
§ 10 — Vervallen
Artikel 32
Vervallen
§ 11 — Vervallen
Artikel 33
Vervallen
§ 11 — Vervallen
Artikel 34
Vervallen
§ 11 — Vervallen
Artikel 35
Vervallen
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 36
Vervallen
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 37
1 Gedeputeerde Staten kunnen bevelen staking der uitvoering van waterstaatswerken, die verricht wordt in strijd met het algemeen of provinciaal belang of met het belang van een ander waterschap dan dat, hetwelk de werken onderneemt.
2 Deze bevoegdheid geldt niet ten aanzien van werken, welke door het Rijk worden ondernomen.
3 In geval van provinciale werken kan Onze voornoemde Minister staking bevelen van de uitvoering wegens strijd met het algemeen belang.
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 38
1 De uitvoering van noodzakelijke waterstaatswerken en voorzieningen, waaronder ook opruimingen worden verstaan, welke door de daartoe verplichten niet geschiedt, kan door Gedeputeerde Staten worden bevolen.
2 Het bevel kan gegeven worden aan ieder die een waterstaatswerk in beheer of onderhoud heeft met uitzondering van het Rijk.
3 Indien de in het eerste lid bedoelde verplichting op een provincie rust, wordt het bevel gegeven door Onze voornoemde Minister.
4 Aan het bestuur eener gemeente kan het bevel niet worden gegeven, indien de verplichting alleen op zijne zorg voor de huishouding der gemeente steunt.
5 Het bevel kan mede worden gegeven, indien de verplichting voortspruit uit eene gemeenschappelijke regeling door twee of meer gemeenten of waterschappen tot stand gebracht.
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 39
1 Indien Gedeputeerde Staten van de hun in artikel 37 toegekende bevoegdheid, geen gebruik maken, kan Onze voornoemde Minister, Gedeputeerde Staten gehoord, de daar bedoelde bevelen geven.
2 Het bepaalde in het voorgaande lid is eveneens van toepassing op het bevel bedoeld in artikel 38.
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 40
Vervallen
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 41
Vervallen
§ 12 — Staking der uitvoering van werken en uitvoering van noodzakelijke werken
Artikel 41a
Vervallen
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 42
Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van een door hem gegeven bevel als bedoeld in §12.
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 42a
Vervallen
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 42b
Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan, ter handhaving van een door hen gegeven bevel als bedoeld in §12, aan gedeputeerde staten opdragen een last onder bestuursdwang op te leggen, dan wel zelf tot oplegging van een last onder bestuursdwang overgaan.
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 42c
Vordert de tenuitvoerlegging van een bevel door Gedeputeerde Staten dat gelden worden voorgeschoten, dan geschiedt dit uit ’s Rijks kas, tenzij daarvoor gelden op de begroting voor provinciale uitgaven zijn uitgetrokken.
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 43
Indien op een ingesteld beroep geheel of gedeeltelijk ten voordele van hem, aan wie het bevel is gegeven, wordt beslist, komen, indien dit bevel reeds is tenuitvoergelegd, de kosten van tenuitvoerlegging en van noodzakelijk herstel in de vorige staat geheel of voor een overeenkomstig gedeelte ten laste van het Rijk, indien Onze Minister van Verkeer en Waterstaat het bevel heeft tenuitvoergelegd dan wel de tenuitvoerlegging door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aan Gedeputeerde Staten is opgedragen en in de overige gevallen ten laste van de provincie.
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 44
1 Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet bepaalde zijn belast de door Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, door Onze Commissaris in de provincie, door het College van gedeputeerde staten, door de besturen van waterschappen of door de colleges van burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.
2 De in het eerste lid bedoelde ambtenaren zijn bevoegd, met medeneming van de benodigde apparatuur, een woning te betreden zonder toestemming van de bewoner.
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 45
Vervallen
§ 13 — Middelen van executie
Artikel 46
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 47
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 48
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 49
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 50
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 51
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 52
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 53
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 54
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 55
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 56
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 57
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 58
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 59
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 60
Vervallen
§ 14 — Verhaal der kosten bedoeld in §§ 12 en 13
Artikel 61
Vervallen
§ 15 — Vervallen
Artikel 62
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 63
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 64
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 65
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 66
1 Wordt een bevel, als bedoeld in de artikelen 36, 37 en 38 bij gemeenschappelijk besluit van twee of meer colleges van Gedeputeerde Staten gegeven, dan wordt bij dat besluit één van die colleges aangewezen voor de uitoefening van de bevoegdheden, bij deze wet aan of ten aanzien van Gedeputeerde Staten toegekend in verband met de tenuitvoerlegging, daaronder begrepen de bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang.
2 Indien de betrokken colleges zich niet met elkander over zulk een besluit verstaan, wordt het bevel gegeven en de aanwijzing gedaan door Onze met de uitvoering van deze wet belaste Minister.
3 De rechtsvordering tegen de provincie, bedoeld in artikel 41, wordt ingesteld tegen de provincie, waarvan Gedeputeerde Staten voor de uitoefening van de in het eerste lid bedoelde bevoegdheden zijn aangewezen.
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 67
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 68
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 69
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 70
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 71
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 72
Vervallen
§ 16 — Waterschappen in meer dan eene provincie gelegen
Artikel 72a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 73
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 74
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 75
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 76
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 77
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 78
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 79
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 80
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 81
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 82
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 83
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 84
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 85
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 86
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 87
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 88
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 89
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 90
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 91
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 92
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 93
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 94
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 95
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 96
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 97
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 98
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 99
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 100
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 101
Vervallen
§ 17 — Voorzieningen inzake voorbereiding op en optreden bij gevaar
Artikel 102
Vervallen
Slotbepalingen
Artikel 103
Deze wet is niet van toepassing op een waterstaatswerk als bedoeld in de Omgevingswet.
Slotbepalingen
Artikel 104
1 Door Ons wordt bepaald, op welk tijdstip, of op welke tijdstippen onderscheidenlijk de bepalingen dezer wet in werking treden, voorzoover dit niet reeds is geschied.
2 Met de inwerkingtreding dezer wet, zooals zij oorspronkelijk is vastgesteld, zijn vervallen de wet van 12 Juli 1855 (Staatsblad n°. 102), tot voorloopige voorziening in sommige waterstaatsbelangen, alsmede art. 7 van het Koninklijk besluit van 17 December 1819 n° 1 en de Koninklijke besluiten van 29 Maart 1822 (Staatsblad n°. 7), 7 September 1822 (Staatsblad n°. 42), 23 September 1849 (Staatsblad n°. 50) en 14 April 1850 (Staatsblad n°. 16).
3 Met de inwerkingtreding van de bepalingen van § 17 dezer wet, vervallen het Koninklijk besluit van 21 Augustus 1835, n°. 23, houdende vaststelling van een reglement op de correspondentie bij ijsgang en hoog opperwater op de rivieren, met de besluiten, waarbij dat Koninklijk besluit is gewijzigd of aangevuld en de besluiten, die ter uitvoering daarvan zijn genomen, en het Koninklijk besluit van 18 December 1820, n°. 70.
Slotbepalingen
Artikel 105
Deze wet kan worden aangehaald onder den naam "Waterstaatswet 1900".