wetzoeker

Artikel 257 Faillissementswet

Van het akkoord

1 De indiening der schuldvorderingen geschiedt bij de bewindvoerders door de overlegging ener rekening of andere schriftelijke verklaring, aangevende de aard en het bedrag der vordering, vergezeld van de bewijsstukken of een afschrift daarvan.

2 Vorderingen, ten aanzien waarvan de surseance niet werkt, komen voor indiening niet in aanmerking. Heeft nochtans indiening plaats gehad, dan werkt de surseance ook ten aanzien van die vorderingen en gaat een aan de vordering verbonden voorrecht, retentierecht, pandrecht of hypotheek verloren. Een en ander geldt niet voor zover de vordering vóór de aanvang der stemming wordt teruggenomen.

3 De schuldeisers zijn bevoegd van de bewindvoerders een ontvangbewijs te vorderen.

Regeling
Faillissementswet
Afkortingen
FW, Fw
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-09-2026
BWB-id
BWBR0001860
Versie
2026-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl