wetzoeker

Artikel 241b Faillissementswet

Van de verlening van surseance van betaling en haar gevolgen

1 Ingeval de schuldenaar overeenkomstig artikel 239, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek een pandrecht heeft gevestigd op een vordering op naam of op het vruchtgebruik van een zodanige vordering, blijft de pandhouder tijdens de afkoelingsperiode bevoegd de mededeling, bedoeld in artikel 239, derde lid, van dat Boek, te doen en betalingen in ontvangst te nemen.

2 Artikel 490b, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de pandhouder het volledige bedrag bij de bewaarder stort.

Regeling
Faillissementswet
Afkortingen
FW, Fw
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-09-2026
BWB-id
BWBR0001860
Versie
2026-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl